Wat staat je te wachten om je eerste kledingstuk te maken....

Om de eerste les vlot te starten neem je plaatjes / foto`s mee van kledingstukken die je graag wilt leren maken. Heb je leuke patronen gezien in tijdschriften of heb je al stof, neem deze dan ook mee. Samen gaan we kijken met welk kledingstuk je het best kan starten.

 

- Stel je hebt voor een rok gekozen. Een zeer leuk model en easy om te maken.

- Dan ga je het patroon uit het werkblad van een patronentijdschrift *overtrekken. Dit uiteraard in jouw confectiematen.

*Overtrekken van patronen gebeurd met patroontekenpapier die je op een werkblad legt. Dit werkblad staat vol met patronen en daar moet je jouw patronen zien te vinden en overtrekken.

- Vervolgens wordt je overgetrokken patronen op de stof gelegd en vastgespeld aan de stof.

 

Tot zover is er al veel gebeurd, maar heb je nog geen leuke rok gemaakt!

Tijd om verder te gaan....

 

- Na het spelden van de patronen op de stof ga je *naadwaarde aantekenen. Naadwaarde aantekenen doe je met een markeerkrijt. Dit markeerkrijt is gemaakt van talkpoeder en geperst tot een vierkant blok. Het aantal centimeters dat je aan tekent is variabel en dat verteld je docent.

*Naadwaarde is eigenlijk extra van stof voorzien naast je patronen. Deze naadwaarde is zeer belangrijk want zonder naadwaarde wordt je kledingstuk te klein in elkaar gezet.

 

- Oké, je hebt alle patronen voorzien van krijt en nu komt het leukste. Je gaat op de markeringen in de stof je patronen uitknippen en krijgt allemaal losse onderdelen.
 

Nu begint het echte werk!

- De eerste kledingstukken die je leert maken worden niet zomaar in elkaar gezet.20150124_111524.jpg
- Eerst ga je langs je patronen en door de stof de onderdelen *doorslaan of *doorlussen en dit gebeurd met *rijgdraad.
* doorslaan/ doorlussen is met een dubbele rijgdraad langs het patroon de hele patroon voorzien van lussen.
* rijgdraad is gemaakt van 100% katoen of viscose en wordt gebruikt om een patroon door te lussen en delen van kledingstukken aan elkaar te maken.
 
 
 
- Heb je alle onderdelen gelust dan trek je de stof van een onderdeel uit elkaar en knip je de draden in het midden door. Nu weet je als je de onderdelen aan elkaar gaat maken waar je moet stikken.
 
Voordat je echt de onderdelen aan elkaar gaat stikken maak je eerst een werkbeschrijving. In patroontijdschriften vind je bij elk kledingstuk een werkbeschrijving hoe je het beste een kledingstuk aan elkaar naait. Voor een beginner is dit vaak abracadabra....
Je gaat een eigen werkbeschrijving maken in je eigen woorden. Ik hoor je al denken, "dat kan ik helemaal niet!", maar je zult versteld staan dat je dit wel kan. Ik kijk dit dan samen met je na en weet je welke stappen je gaat maken om je kledingstuk in elkaar te naaien.
 
- De werkwijze van het in elkaar naaien van kledingstukken kan heel verschillend zijn, maar we zijn bezig met de rok.
- Eerst leg je het voorpand met de goede kant naar je toe op tafel. Dan komt het achterpand met de goede kant op het voorpand.
- Je speld de zijnaden met de doorlus draden op elkaar vast aan elkaar en *rijg je de zijnaden vast.
* rijgen is het aan elkaar maken van kledingstukken en gebeurd met 1 draad.
- Nadat je de naden aan elkaar hebt geregen kan je de spelden eruit halen.
 
- Nu ga je de naaimachine instellen.Een naaimachine instellen gebeurd gezamenlijk. Om dit proces hier uit te leggen heeft weinig zin, gezien ik je overrompel met nog meer vakjargon en termen waar je nog nooit van gehoord hebt en zonder mee te kijken geen enkel idee hebt waar ik over praat.
 
- Goed we doen even alsof je in de les zit... de naaimachine is helemaal ingesteld en klaar voor gebruik.
- De naden die je aan elkaar hebt geregen stik je vast.
- Dan haal je de door lus draden eruit en de rijgdraad en werk je de naden af met een *lockmachine. Het afwerken van de naden met een lockmachine oogt ook zeer professioneel.
*lockmachine: alle naden worden met een lockmachine afgewerkt en als je aan de binnenkant van je blouse of shirt kijkt zie je dit ook.
 
- De zijnaden zijn gedaan, nu nog de band aan de bovenkant erop, elastiek erin en de onderkant ( zoom) stikken.
- Eerst de band aan de rok maken.
- De zijkanten van de band worden dicht gestikt. Dit doe je door de goede kanten van de band op elkaar te leggen, vast te spelden en dicht te stikken.
- Je vouwt de band dubbel en leg de band over de rok heen met de naden naarboven gericht.
- Je speld de band vast aan de rok en rijg de naad, en haalt de spelden eruit zodat je de band aan de rok kan stikken. Een klein stukje van de band laat je open, anders kan het elastiek niet meer door de band getrokken worden.
- Het elastiek door de band heen trekken doe je met een veiligheidsspeld. Deze maakt je vast aan de uiteinde van het elastiek en zo heb je houvast om het elastiek door de band heen te trekken. Hou wel rekening dat de andere uiteinde niet in de band komt want dan kan je opnieuw beginnen.
- Als het elastiek door de band heen is